Verkeersregelaars die op autosnelwegen werken, zijn gebonden aan striktere eisen dan bij andere wegtypen. Ze moeten beschikken over een aanvullende certificering bovenop de basisopleiding, werken volgens een goedgekeurd verkeersplan en vallen onder de directe verantwoordelijkheid van de wegbeheerder Rijkswaterstaat. Deze regels gelden voor iedereen die betrokken is bij werk op of langs de rijksweg: van aannemers en infrabedrijven tot verkeersmanagementbedrijven. In dit artikel beantwoorden we de meest gestelde vragen over verkeersregelaars op autosnelwegen.
Welke certificeringen zijn verplicht voor werk op autosnelwegen?
Voor werk op autosnelwegen is een aanvullende kwalificatie verplicht bovenop de standaard BRL9101-certificering. Verkeersregelaars moeten beschikken over een geldig BRL9101-certificaat én een specifieke aantekening of aanvullende training voor werken op autosnelwegen. Zonder deze kwalificatie mag een verkeersregelaar niet op de rijksweg worden ingezet.
De BRL9101-certificering is de basisnorm voor alle gediplomeerde verkeersregelaars in Nederland. Dit certificaat toont aan dat iemand de opleiding tot verkeersregelaar succesvol heeft afgerond en beschikt over de kennis en vaardigheden om verkeer veilig te regelen. Voor werk op autosnelwegen gelden echter aanvullende eisen, omdat de risico’s op rijkswegen aanzienlijk groter zijn dan op gemeentelijke wegen of in woonwijken.
Rijkswaterstaat, als wegbeheerder van het hoofdwegennet, stelt aanvullende eisen aan het personeel dat op of langs autosnelwegen werkt. Denk aan kennis van specifieke richtlijnen zoals de CROW-publicaties die gelden voor rijkswegen, inzicht in rijsnelheden en rijstrookindeling, en vertrouwdheid met de bijzondere gevaren van een snelwegomgeving. Bedrijven die verkeersregelaars leveren voor snelwegprojecten zijn verantwoordelijk voor het aantonen dat hun personeel aan al deze eisen voldoet.
Wat zijn de wettelijke vereisten voor een verkeersplan op een snelweg?
Een verkeersplan voor werk op een autosnelweg is wettelijk verplicht en moet worden opgesteld conform de richtlijnen van Rijkswaterstaat en de geldende CROW-normen. Het plan moet vóór aanvang van de werkzaamheden worden goedgekeurd door de bevoegde wegbeheerder en beschrijft minimaal de afzettingsopbouw, fasering, gebruikte materialen en de inzet van verkeersregelaars.
Het verkeersplan is geen vrijblijvend document. Het vormt de basis voor de vergunningverlening en bepaalt hoe de werkzaamheden veilig kunnen worden uitgevoerd. Rijkswaterstaat hanteert strikte eisen aan de inhoud van zo’n plan. Het moet onder meer aansluiten bij de CROW-publicatie 96b, die specifiek gaat over het werken op autosnelwegen, en rekening houden met rijsnelheden, zichtafstanden, rijstrookbreedte en het type werkzaamheden.
Een goed verkeersplan voor een snelweg bevat doorgaans de volgende onderdelen:
- Een situatietekening met de exacte locatie en opzet van de afzetting
- Een fasering per werkdag of werknacht
- De te plaatsen bebording en het type afzetmateriaal
- De inzet en positionering van verkeersregelaars
- Een calamiteitenplan en communicatieprocedures
Veel projectleiders in de bouw en infra zijn sterk in hun eigen vakgebied, maar het opstellen van een technisch correct verkeersplan voor een rijksweg vraagt gespecialiseerde kennis. Onze verkeersadvies diensten zijn er specifiek op gericht om dit voor opdrachtgevers te verzorgen, zodat het plan klopt en de vergunning snel kan worden verleend.
Verkeersregelaars nodig voor uw project?
Wij staan 24/7 klaar. Ook voor spoedaanvragen. Vraag vandaag nog een vrijblijvend adviesgesprek aan.
✓ Eigen gecertificeerd personeel · 24/7 bereikbaar
Hoe verschilt verkeersregeling op een autosnelweg van andere wegen?
Verkeersregeling op een autosnelweg verschilt fundamenteel van regeling op gemeentelijke wegen of in stedelijk gebied. De hoge rijsnelheden, het ontbreken van kruispunten en de beperkte mogelijkheid voor weggebruikers om snel te reageren maken de situatie gevaarlijker en stellen hogere eisen aan de voorbereiding, de afzetting en het personeel.
Op een gewone weg kan een verkeersregelaar relatief dicht op het verkeer staan en met handgebaren of lichtsignalen rijstroken vrijhouden. Op een autosnelweg is dat niet mogelijk. Rijsnelheden van 100 tot 130 kilometer per uur zorgen voor enorme remafstanden. Dit betekent dat afzettingen en waarschuwingsborden veel eerder moeten beginnen, en dat verkeersregelaars nooit in de vrije rijstroken mogen staan.
Andere belangrijke verschillen zijn:
- Langere aankondigingsafstanden: Waarschuwingsborden staan op rijkswegen op grotere afstand van de werkplek dan bij andere wegtypen
- Strengere materiaalvereisten: Afzetmateriaal moet zwaarder en zichtbaarder zijn, inclusief verlichting en actieve waarschuwingssystemen
- Coördinatie met de verkeerscentrale: Rijkswaterstaat en de verkeerscentrale moeten worden geïnformeerd en betrokken bij de uitvoering
- Beperkte improvisatieruimte: Afwijkingen van het goedgekeurde verkeersplan zijn op een snelweg nauwelijks toegestaan
Kortom: verkeersbeheer op een snelweg vraagt een andere mentaliteit en een veel hogere mate van voorbereiding dan op andere wegen. Verkeersregelaars moeten precies weten wat ze doen en mogen geen risico nemen.
Welke afzettingen en materialen zijn verplicht bij wegwerkzaamheden op de snelweg?
Bij wegwerkzaamheden op een autosnelweg zijn specifieke afzetmaterialen verplicht die voldoen aan de eisen van Rijkswaterstaat en de CROW-richtlijnen. Dit omvat minimaal bakens, rijrichtingborden, verkeersdruppels of betonnen barriers, en in veel gevallen een aanrijdbeveiliging zoals een TMA (Truck Mounted Attenuator) of een stationair opgestelde botswagen.
De keuze voor het juiste materiaal hangt af van de aard en duur van de werkzaamheden. Bij kortdurende inspecties overdag gelden andere vereisten dan bij langdurige rijstrookafzettingen of nachtelijke onderhoudswerkzaamheden. Rijkswaterstaat hanteert hiervoor een indeling in werkcategorieën, waarbij elke categorie een verplicht pakket aan maatregelen voorschrijft.
Materialen die doorgaans verplicht zijn op autosnelwegen:
- Verkeersdruppels of betonnen geleideconstructies voor de afscheiding van de werkruimte
- Fluorescerende bebording conform de geldende CROW-normen
- Knipperlichten en actieve waarschuwingssystemen, zeker bij nacht
- Een TMA of botswagen als aanrijdbeveiliging voor het personeel
- Markering op het wegdek bij langdurige situaties
Het leveren, plaatsen en verwijderen van dit materiaal is een vak apart. Via onze verkeersmanagement diensten verzorgen wij het volledige pakket: van verkeersplan en materiaal tot de inzet van gecertificeerde verkeersregelaars op locatie.
Wanneer is een vergunning nodig voor werk op een autosnelweg?
Voor vrijwel elk werk op of langs een autosnelweg is een vergunning vereist van Rijkswaterstaat. Dit geldt zodra werkzaamheden de rijbaan, de vluchtstrook, de berm of het aangrenzende gebied raken. Ook kortdurende inspecties of het plaatsen van tijdelijke bebording vallen hier in de meeste gevallen onder.
De vergunning voor werk op een rijksweg wordt aangevraagd via Rijkswaterstaat en heet formeel een instemmingsbesluit of een vergunning in het kader van de Wet beheer rijkswaterstaatswerken. De aanvraag moet vergezeld gaan van een goedgekeurd verkeersplan, een risicoanalyse en in sommige gevallen een veiligheidsplan. De doorlooptijd van een vergunningaanvraag kan variëren van enkele dagen bij eenvoudige situaties tot meerdere weken bij complexere projecten.
Enkele situaties waarbij een vergunning altijd verplicht is:
- Afzetten van een rijstrook of vluchtstrook
- Grondwerk, boorwerk of inspecties in de rijkswegberm
- Plaatsen van tijdelijke bebording op het rijkswegennet
- Calamiteitenherstel waarbij de rijbaan tijdelijk wordt geblokkeerd
Het vroegtijdig aanvragen van de vergunning voorkomt vertraging. Wie te laat begint, riskeert dat het project stil komt te liggen terwijl de vergunning nog in behandeling is. Wij ondersteunen opdrachtgevers actief bij het vergunningtraject, zodat alles op tijd geregeld is.
Wie is verantwoordelijk als er iets misgaat bij verkeersregeling op de snelweg?
De verantwoordelijkheid bij een incident op een autosnelweg ligt primair bij de opdrachtgever en de uitvoerende partij die de werkzaamheden uitvoert. Als een verkeersplan niet correct is uitgevoerd, materialen ontbreken of verkeersregelaars niet gecertificeerd zijn, kan de uitvoerende aannemer of het verkeersbeheerbureau aansprakelijk worden gesteld voor de gevolgen.
In de praktijk is de verantwoordelijkheidsverdeling op een rijksweg gelaagd. Rijkswaterstaat is verantwoordelijk voor het hoofdwegennet als zodanig, maar zodra een vergunning is verleend en werkzaamheden worden uitgevoerd, verschuift de verantwoordelijkheid voor de veiligheid in de werkomgeving naar de vergunninghouder. Dat is doorgaans de aannemer of de opdrachtgever van het project.
Aansprakelijkheid van de verkeersregelaar zelf
Een individuele verkeersregelaar op een autosnelweg handelt altijd in opdracht van een werkgever of opdrachtgever. Als een verkeersregelaar een fout maakt, bijvoorbeeld door de afzetting onjuist te bemannen of aanwijzingen niet correct op te volgen, kan de werkgever aansprakelijk worden gesteld. Daarom is het essentieel dat verkeersregelaars voor snelwegwerk aantoonbaar gecertificeerd zijn en handelen conform het goedgekeurde verkeersplan.
Aansprakelijkheid van het verkeersbeheerbureau
Het bedrijf dat verkeersregelaars levert, is verantwoordelijk voor het inzetten van gekwalificeerd personeel. Wie verkeersregelaars levert zonder de vereiste BRL9101-certificering of zonder de aanvullende snelwegkwalificatie, loopt een groot risico bij een incident. Verzekeringen dekken schade doorgaans niet als blijkt dat het ingezette personeel niet aan de wettelijke eisen voldeed.
Wij werken uitsluitend met volledig gecertificeerd personeel dat aan alle geldende eisen voldoet. Lees meer over ons en hoe wij kwaliteit en continuïteit borgen op elk project. Wil je direct weten wat wij voor jouw project kunnen betekenen? Neem contact op voor een vrijblijvend gesprek.
